Natuurgeneeskunde is een vorm van geneeskunde die een fundamenteel vertrouwen heeft in het zelfgenezend vermogen van de mens. Ziekte betreft altijd de gehele mens en zijn omgeving, ook wanneer de klachten slechts plaatselijk schijnen te zijn. Omdat ziekteverschijnselen en symptomen een gevolg kunnen zijn van het genezingsproces, houdt de natuurgeneeskunde zich derhalve niet primair bezig met het bestrijden van de ziekte en het behandelen van symptomen, maar richt zijn aandacht op de hele mens (holistisch) en heeft oog voor de samenhang van lichaam, ziel en geest. Natuurgeneeskunde richt zich dus op bevordering van het zelfgenezend vermogen door de natuurlijke genezingsprocessen in het lichaam te stimuleren en te activeren met natuurlijke, biologische, psychische en/of energetische methodes.

Indicatiegebieden voor verwijzing
In beginsel zijn er geen beperkingen aan de indicaties voor natuurgeneeskundige behandeling. Voor levensbedreigende en spoedeisende interventies zal, waar de natuurgeneeskundige aanpak niet voorziet, steeds worden doorverwezen naar andere medisch specialisten of naar de Eerste Hulp. Indien een medisch specialist mede behandelt, zal met die behandeling altijd rekening worden gehouden, daarbij steeds uitgaande van een voor de patiënt leefbare situatie. Met de patient zal het behandelingsplan steeds besproken worden.

Diagnose
Na het regulier algemeen lichamelijk onderzoek en zonodig laboratorium onderzoek, wordt op basis van specifiek natuurgeneeskundig lichamelijk onderzoek, eventueel aangevuld met laboratorium onderzoek van bloed, ontlasting of urine een diagnose gesteld en tijdens het verdere verloop wordt door observatie en onderzoek de diagnose zonodig bijgesteld.

Behandeling
De arts voor natuurgeneeskunde heeft veel aandacht voor voeding, reiniging en leefregels (reinigingskuren en vastenkuren) en speciale aandacht voor mentale instelling, intuïtie en spiritualiteit en geeft ook voor gezonde mensen adviezen op gebied van preventie en gezondheidsbevorderende maatregelen. Een eventuele behandeling geschiedt met geneeskrachtige en regulerende effecten van stoffen uit de natuur zoals kruiden, homeopatische middelen, vitamines, mineralen, vetzuren, aminozuren, orgaanextracten, ozon, etc.

Historie
In de natuurgeneeskunde wordt gebruikgemaakt van principes uit de homeopathie, acupunctuur, orthomoleculaire geneeskunde, fytotherapie, oosterse geneeskunde (uit China en India), reflexologie, energetische geneeskunde, osteopathie, kinesiologie, psychologie, biologie, biofysica en de klassieke natuurgeneeskunde volgens Hippocrates (humoraalpathologie), Galenus (zelfgenezend vermogen), Paracelsus (natuurlijke middelen), Bernard (milieu interne), Kneipp (hydrotherapie), Budwig en Bircher Benner (voeding), Mayr (reiniging), Reckeweg (homotoxicologie) en Pischinger (basis bio regulatie systeem).